Politieke Economie – Bas Jacobs

Borrelpraat van Paul Schnabel

with 3 comments

Paul Schnabel, de directeur van het Sociaal Cultureel Planbureau, is een echte publieke intellectueel. Doorgaans zegt hij interessante en verstandige dingen. Maar hij maakte afgelopen zondag in Buitenhof toch een uitglijder.

Hij beweerde – net als premier Rutte bij voortduring doet – dat Nederland de concurrentieslag met de wereld (China, India, Brazilië, Rusland) gaat verliezen als we niet in beweging komen en hervormen. Zie filmpje bij 49min55 en 51min50.

Het klinkt zo lekker urgent. Het roept zulke fijne beelden op. Maar het is borrelpraat.

Landen concurreren niet met elkaar. Vrijhandel is geen nulsomspel. Als China relatief beter wordt dan Nederland in de productie van bepaalde goederen dan zijn Nederlandse burgers beter af als ze die goederen goedkoop uit China importeren dan duur in eigen land produceren. Nederland kan zich dan toeleggen op productie van goederen en diensten waarin ze relatief beter is dan China. Die zal China willen kopen, omdat wij die relatief goedkoper kunnen produceren. Ieder land wint daarom bij vrijhandel door specialisatie in die productie waarin het relatief het best is.

Als Nederland niet belangrijke hervormingen doorvoert, in bijvoorbeeld arbeidsmarkt, huizenmarkt en sociale zekerheid dan worden we uiteindelijk minder productief. Is dat erg? Ja. Onze levensstandaard gaat dan omlaag. Maar dat is niet omdat we ‘de concurrentieslag’ met de rest van de wereld verliezen.

Nobelprijswinnaar Paul Krugman begon zijn columnistenbestaan met veel eloquentere ontkrachtingen van het idee dat landen met elkaar concurreren. Een beroemd populair-wetenschappelijk artikel is: “Competitiveness: A Dangerous Obsession”, Foreign Affairs, March/April 1994.

Een prachtig en niet gepubliceerd stuk van Krugman over waarom het idee van Ricardo zo moeilijk is: “Ricardo’s Difficult Idea“.

Written by basjacobs

11 januari 2011 bij 20:21

Geplaatst in Uncategorized

3 Reacties

Subscribe to comments with RSS.

  1. Vrijhandel werkt prima tussen landen die een soortgelijke ideologie hanteren. Het probleem met China is echter dat we te maken hebben met staatsbedrijven. Die ideologie is in strijd met een vrije markt. Het is al gebleken dat dit gevaren heeft:

    * Bijvoorbeeld het besluit van de Chinese overheid om de export van zeldzame grondstoffen te beperken nadat ze hier een monopolie hadden verkregen.

    * Of de manier waarop China de waarde van de yuan kunstmatig laag heeft gehouden t.o.v. de dollar om de internationale concurrentiepositie te verbeteren.

    De dag dat landen niet met elkaar concurreren, is de dag dat alle grenzen op aarde verdwijnen en er een democratische wereldregering heerst. Zolang we te maken hebben met landsgrenzen hebben we te maken met landsbelangen. Uit de historie is gebleken dat deze belangen structureel verstrengelen met alle oorlogen en ellende van dien.

    In vrijhandel met landen moet rekening gehouden worden met de intenties van de staat. Zodra we te maken hebben met landen met overeenkomstige ideologie zou vrijhandel toegestaan kunnen worden. Maar de stelling dat landen niet concurreren en er geen risico’s aan vrijhandel verbonden zitten, lijkt me onjuist.

    Als Nederland minder productief wordt, heeft dat wel degelijk gevolgen voor onze concurrentiepositie. Net zoals iedere B.V. failliet gaat bij benedenmaatse prestaties, geldt dat ook voor landen. Als een B.V. bovenmaats presteert is dat gunstig voor alle betrokkenen. Hetzelfde geldt voor een land. Er ontstaat ruimte voor banen en mogelijkheden voor sociale voorzieningen.

    Wat de huizenmarkt betreft, bedoel je vast de hypotheekaftrek. Iedereen is er erover eens dat dit afgeschaft moet worden. Gezien de grote stress op de huizenmarkt is het gewoonweg niet verstandig dit op korte termijn door te voeren.

    Bart

    15 januari 2011 at 00:19

  2. Wouter Leenders

    23 januari 2011 at 19:21

  3. Beste Bas,
    Ik lees je artikelen altijd met veel plezier. Jammer dat je niet meer in de Groene schrijft. Eerlijkheidshalve behoorde ik ook tot die intellectuelen, die je beschrijft. Echter je (nog) niet gepubliceerde artikel, opende mijn ogen. Ideeën in de wetenschap zijn vaak tegen intuïtief. Als amateur econoom begrijp ik ze daarom ook niet onmiddellijk goed. In mijn ogen is het net de taak van een professor om dit dan geduldig aan me te blijven uitleggen. Waarvoor dank.
    Wat ik niet goed begrijp is je verongelijktheid en kwaadheid. In ieder geval laat het artikel die indruk bij mij achter. De verongelijktheid heeft er bijna voor gezorgd, dat ik het artikel niet uitgelezen heb. Jij had me dan niet overtuigd. Je was dan je doel voorbij geschoten.
    Modellen bouwen is niet de enige weg naar kennis. Sterker nog ik heb net gebladerd door de Origin’s of spieces (Darwin) en de Modularity of the Mind (Fodor). Oppervlakkig bladeren leert mij dat in beide boeken geen formules voorkomen. Beide boeken staan aan de basis van ideeën in de wetenschap, waar later door wetenschappers vaak met behulp van modellen ondersteuning voor deze ideeën is gevonden. Modellen staan vaak in een slecht daglicht omdat ze gezien worden als een versimpeling van de werkelijkheid. Modellen zelf zeggen niks, het gaat om de aannames en voorveronderstellingen die je maakt. Het veroordelen van mensen die aangeven dat ze niet overtuigd raken van (alleen) een model zorgt voor weerstand bij je lezer. Je zult haar dan moeilijker kunnen overtuigen.
    Om te kunnen overtuigen is het naar mijn ervaring goed om te begrijpen wat een ander drijft. Modellen maken en toetsen is niet iets wat alleen economen doen. Is normaal wetenschappelijk werk. Echter zodra ik me begeef buiten het wetenschappelijk debat is het doel niet meer wetenschap bedrijven, maar uitleggen en mensen overtuigen. Soms kan een model helpen om iets uit te leggen, soms is het model (of de formules) zo ingewikkeld dat de lezer afhaakt. Iemand die een artikel schrijft moet zich hier van bewust zijn. Dat is iets anders als dat ik als uitgever tegen modellen ben.
    Veel mensen worden gedreven door het proberen te vermijden van angsten. Veel mensen zien veranderingen als de belangrijkste reden waarom angsten uit komen. Een vraag beantwoorden met in the end veranderd er niks laat je luisteraars afhaken. Ten eerste geloven ze je niet. Waarom zou je anders willen veranderen? Ten tweede voelen ze bedreigingen op hun afkomen. Het negeren van hun angsten zorgt ervoor dat ze denken dat je ze te loopt te belazeren.
    Ik hoop betere adviezen gegeven te hebben, hoe andere mensen te gaan overtuigen van je ideeën, als waar je het artikel mee afsluit. Ik hoop dat je er iets aan hebt. Tenslotte verhoog je hiermee je eigen productiviteit en zal dit leiden tot een stijging van ons aller welvaart. Tenminste als ik je goed begrepen heb.

    Joost

    25 januari 2011 at 10:16


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: