Politieke Economie – Bas Jacobs

Verdere vergroening belastingen?

with 5 comments

Bijna alle politieke patijen willen de belastingen ‘vergroenen’. Dat wil zeggen dat belastingen op milieuvervuilende activiteiten worden verhoogd, zoals energie, brandstoffen, energieslurpende auto’s, enz. Zie bijvoorbeeld de partijprogramma’s van GroenLinks, D66, SP, PvdA en D66.

Ik maak me net als velen zorgen over klimaatverandering. De klimaatverandering door opwarming van de aarde vormt een van de grootste bedreigingen voor het voortbestaan van de planeet. Sir Nicholas Stern publiceerde in 2006 een groot rapport in opdracht van de Britse overheid en hij spreekt daarin van ‘the greatest and widest-ranging market failure ever seen’. De schade van milieuvervuiling is onvoldoende doorberekend in de marktprijzen. Dus warmt de aarde veel te snel op. 

Het ligt dan ook voor de hand dat belastingen worden gebruikt om milieuvriendelijk gedrag aan te moedigen, of, in economenjargon, voor het internaliseren van de externe effecten van consumptiegoederen die tot opwarming van de aarde leiden. Denk daarbij aan reductie van de vraag naar fossiele brandstoffen, grijze elektriciteit, vlees en vis, enz. Daarom pleiten veel politieke partijen voor een verschuiving van de belastingdruk van arbeid naar vervuilende consumptie.

Maar is verdere vergroening van de belastingen wel het goede beleid? Ik heb daar een aantal vraagtekens bij. Overigens betekent dit niet dat ik een klimaatscepticus ben.

Milieuheffingen moeten worden ingevoerd om de milieuschade te verwerken in de martktprijzen. De optimale, zogenaamde, pigouviaanse milieuheffing internaliseert exact de maatschappelijke schade in de prijzen van de vervuilende goederen. Dus hoe meer milieuschade, hoe hoger de milieuheffing.

Door velen worden milieuheffingen ook verdedigd met het argument dat milieuheffingen helpen om de schatkist te vullen. Maar de vraag is of met milieuheffingen op de meest efficiënte manier belasting wordt geheven. Een hogere BTW of inkomstenbelasting is een aantrekkelijker instrument om de schatkist te vullen dan een hogere milieubelasting. Milieuheffingen verstoren het arbeidsaanbod namelijk meer dan de belasting op arbeidsinkomen of de BTW.

Door de belastingopbrengst te genereren met heffingen op milieuvervuilende goederen worden verstoringen consumptiegedrag van huishoudens gecreëerd die om milieuredenen gewenst zijn, maar die ook de arbeidsmarkt verstoren. In gewone mensentaal: individuen worden gerpikkeld minder vervuilende en meer schone goederen te consumeren. Maar bij een verstoord consumptiepakket zal het reële netto loon meer dalen bij een hogere milieubelasting dan een hogere inkomstenbelasting of BTW met een identieke belastingopbrengst zou doen. De belasting op arbeid verstoort namelijk de relatieve prijs van vuile goederen in termen van schone goederen niet, waardoor met de beloning van een uur werk uiteindelijk meer goederen gekocht kunnen worden. Vanuit het perspectief van de schatkist is het daarom niet optimaal om milieuheffingen te heffen zolang ook belasting op arbeidsinkomen of BTW geheven kunnen worden.

De optimale milieuheffing hangt daarom alleen af van de vraag of de maatschappelijke schade wel in de marktprijzen is verwerkt, niet of de schatkist daarmee wordt gevuld. Zie ook Jacobs en De Mooij (2010)*.

Hoe hoog moeten de milieuheffingen dan zijn? Stern (2007) schat dat de maatschappelijke externe kosten van CO2-uitstoot tot 85 dollar per ton kunnen oplopen. Stern (2007) presenteert daarmee de hoogst denkbare schattingen uit de literatuur. 85 dollar is circa driemaal hoger dan de meest gangbare schattingen van de schade van CO2-uitstoot, zie ook het literatuuroverzicht in Tol (2008). Overigens ben ik geneigd een relatief groot gewicht toe te kennen aan Stern’s waarde. Fundamentele onzekerheid over toekomstige klimaatontwikkelingen en onomkeerbare klimaatprocessen nopen tot een prudent beleid. Maar zelfs als we aannemen dat een ton CO2-uitstoot 85 dollar kost, dan zijn de huidige ecotaksen voor huishoudens al hoger dan de maatschappelijke schade van hun energieverbruik (gas: 89 euro/ton CO2, elektriciteit: 192 euro/ton CO2, zie Ter Haar, 2010). Voor MKB en zakelijke dienstverleners liggen de tarieven rond Stern’s waarde (gas: 78 euro/ton CO2, elektriciteit: 70 euro/ton CO2, zie Ter Haar, 2010). Er bestaat daarom geen reden om aan te nemen dat huidige energieheffingen op gas en elektriciteit voor huishoudens, MKB en zakelijke dienstverleners verhoogd moeten worden om de maatschappelijke kosten van CO2-uitstoot te internaliseren in de prijzen.

De brandstofaccijnzen op brandstoffen – behalve die voor kerosinel en LPG – liggen ver boven de conservatieve waarde voor de maatschappelijke schade van 85 dollar per ton CO2-uitstoot. Ter Haar (2010) geeft een overzicht van de Nederlandse accijnzen per ton CO2 -uitstoot: diesel 130 euro, rode diesel 80 euro, benzine 250 euro, LPG 40 euro, biodiesel 160 euro, ethanol 460 euro, en kerosine 0 euro. De overheid zou de accijnzen per ton CO2-uitstoot over alle brandstoffen moeten gelijk moeten maken. De lage brandstofaccijnzen op LPG, rode  diesel en kerosine kunnen worden opgehoogd om vergelijkbare heffingen te krijgen (per ton CO2) zoals die ook voor diesel en benzine gelden.

De vrijstellingen en kortingen op energieheffingen dienen wat mij betreft te worden geschrapt in de glastuinbouw, luchtvaart en de scheepvaart. Daarnaast kan een hogere accijns op bio-industrieproducten helpen om de grote uitstoot van broeikasgassen in de vleesproducerende industrie af te remmen (zie ook Ter Haar, 2010).

Maar het lijkt erop dat de accijnzen op benzine en diesel vanuit breed welvaartsoogpunt het optimum voorbij zijn geschoten: de opgeofferde materiële welvaart door verminderde consumptie van fossiele brandstoffen kan inmiddels groter zijn dan de milieuwinst van minder brandstofgebruik.

De marginale milieuschade van CO2-uitstoot is niet constant maar zal toenemen naarmate de aarde sterker opwarmt. Daarnaast zullen positieve externe effecten van het ontwikkelen van energiebesparende technologieën en alternatieve energiebronnen toenemen naarmate de fossiele energievoorraden meer uitgeput raken. Daarom moeten milieuheffingen door de tijd heen wel een stijgend pad volgen (zie ook Sinn, 2008; Van der Ploeg en Withagen, 2010). Maar dat betekent niet dat Nederland nu op eigen houtje verder moet gaan met het verder opvoeren van de milieuheffingen.

Eenzijdige maatregelen gericht op het verminderen van de CO2-uitstoot zijn niet zo effectief. Het milieu is een mondiaal collectief goed dat nauwelijks wordt voortgebracht door grote internationale free-rider en coördinatieproblemen, zoals de laatste top in Kopenhagen helaas weer eens heeft aangetoond. Alleen alomvattende, voor alle landen bindende afspraken over milieuheffingen of verhandelbare emissierechten kan de CO2-uitstoot effectief beperken.

Als Nederland (of het Westen) eenzijdig de vraag naar energie probeert af te remmen, zonder dat andere landen of andere delen van de wereld volgen, dan zakt slechts de wereldmarktprijs van energie totdat de wereldvraag naar energie weer gelijk is aan het aanbod van energie (Sinn, 2008). Het effect van vraagremmende maatregelen op de consumptie van energie zorgt er dan slechts voor dat de CO2-uitstoot zich verplaatst, maar niet afneemt.

Nederland moet daarom in internationaal verband streven naar een systeem van verhandelbare emissierechten en/of milieuheffingen. Zonder internationale coördinatie kan Nederland helaas geen zelfstandig milieubeleid voeren. Nederland kan wel unilateraal een CO2-bijdrage leveren door minder aanbod van energie te produceren, door bijvoorbeeld het tempo waarmee de gasvoorraad wordt opgepompt te vertragen of stil te leggen. Maar daar staat tegenover dat de overheid gasinkomsten zal moeten missen.

Ik maak me met vele anderen zorgen over de klimaatverandering. Maar klimaatproblemen kunnen we uiteindelijk alleen internationaal gecoördineerd oplossen via internationale milieuheffingen of verhandelbare emissierechten. Onze milieuheffingen zijn al zo hoog dat de maatschappelijke schade van CO2-uitstoot inmiddels verwerkt is in de marktprijzen. Wel kunnen nog allerlei uitzonderingen worden geschrapt voor bepaalde sectoren of brandstoffen. Het lijkt me onverstandig om in Nederland de belastingen verder te vergroenen als we dit unilateraal doen. Als politieke partijen vergroening van de belastingen alleen maar aangrijpen om de schatkist te vullen, laat ze dan de inkomstenbelasting of de BTW verhogen. Dat is minder schadelijk voor de economie.

 *Dit is een simplificatie die alleen opgaat als het arbeidsmarktgedrag van huishoudens niet samenhangt met de consumptie van vervuilende goederen of het aanbod van een beter milieu. Voor geïnteresseerden in deze materie verwijs ik graag naar Jacobs en De Mooij (2010).

Literatuur

Haar, Bernard ter (2010), “Nieuwe Paden voor Vergroening”, Essay Studiecommissie Belastingstelsel, http://www.minfin.nl.

Jacobs, Bas, en Ruud A. de Mooij (201o), “Pigou Meets Mirrlees: On the Irrelevance of Tax Distortions for the Second-Best Pigouvian Tax“, mimeo: Erasmus Universiteit Rotterdam.

Ploeg, Rick van der, en Cees Withagen (2010), “Is there Really a Green Paradox?”, mimeo: Oxford University.

Sinn, Hans-Werner (2008), “Public Policies against Global Warming”, International Tax and Public Finance, 15, (4), 360-394.

Stern, Nicholas H. (2007), The Economics of Climate Change: The Stern Review, Cambridge and New York: Cambridge University Press.

Tol, Richard S.J. (2008), “The Social Cost of Carbon: Trends, Outliers and Catastrophes”,  Economics, 2, 2008-25, http://www.economics-ejournal.org.

Written by basjacobs

21 april 2010 bij 14:32

5 Reacties

Subscribe to comments with RSS.

  1. Milieuheffingen zijn er toch niet alleen om de CO2-uitstoot te beperken maar ook om onze afhankelijkheid van grondstoffen als olie te beperken? Als de olie schaarser wordt en de prijs stijgt, stijgen ook de productiekosten van de Nederlandse bedrijven. Bedrijven aansporen, via milieuheffingen, om in duurzame zaken te investeren zorgt er dan toch voor dat onze afhankelijkheid van olie vermindert en zo dat de stijgende kosten van olie minder invloed hebben op de Nederlandse economie?

    Wouter Leenders

    22 april 2010 at 15:14

  2. Er zijn twee aspecten onderbelicht gebleven.

    Enerzijds is dat, aansluitend bij de reactie van Wouter Leenders, het effect van de heffingen op ons gedrag. Daarbij wil ik overigens direct aantekenen dat ik helemaal geen voorstander ben van dit soort sturende werkingen van belastingen. Via de belastingen moeten gelden worden opgehaald om uitgaven te doen, en meer – liever- niet. Ik zie dan wel ruimte voor zaken als profijtheffing en ook een gedeeltelijke heffing naar draagkracht is geen probleem (in een zuiver – en m.i. rechtvaardig – systeem, zou je dan overigens eerst heffen op basis van profijtbeginsel waar dat mogelijk (en sociaal wenselijk) is).

    Nee, het echte probleem zit in het punt wat Jacobs aanstipt: milieuschade wordt niet doorberekend in de prijzen. Dat is overigens geen fout in het concept marktwerking (die werkt namelijk echt wel), dat heeft er meer mee te maken dat wij ‘vergeten’ zijn een prijskaartje te hangen aan de grondstof ‘schoon milieu’. De overheid kan daar een rol spelen door partijen op hun verantwoordelijkheid te wijzen (in het geval van CO2 met emissierechten). Het gevaar dat via milieuheffingen te doen, is dat de opgehaalde gelden niet aan milieumaatregelen worden besteed (dus dit staat los van hetgeen Jacobs aantoont, namelijk dat die heffingen dus geen effect meer scoren, en al helemaal niet unilateraal) en alleen voor het vullen van de gaten in de schatkist.

    Dan kom ik op het andere punt. En dat is dat de geldstroom de andere kant op onderbelicht is: de milieusubsidies. Net zo min als ik houd van een al te sturende werking op ons gedrag door belastingheffing, houd ik van subsidies die hetzelfde sturende gedrag hopen te bereiken. Dat maakt ondernemers maar lui, en prikkelt de duurzame innovaties volgens mij niet. En als al gewerkt wordt, dan graag met startsubsidies die afgebouwd worden, zodat innovaties doorontwikkeld worden en uiteindelijk zelfbedruipend kunnen zijn, ofwel economisch kunnen overleven. Ik verwijs naar de discussie rond windenergie – die draaien op subsidies en niet op wind

    Martin Wörsdörfer

    26 april 2010 at 15:24

    • Verhelderend stuk en interessante reacties. Op één punt wil ik toch nader ingaan: dat belastingheffing maar 1 doel mag hebben (inkomsten overheid genereren). Dat gaat natuurlijk wel voorbij aan het gegeven dat belastingheffing bijna altijd een bij-effect heeft. Het lijkt mij niet terecht dat dit bij-effect geen enkele rol mag spelen in afwegingen rond de inrichting van belastingheffingen. Zowel wanneer dit een positief effect op bv het milieu heeft als bij een negatief effect.

      Piet Sprengers

      30 mei 2010 at 18:18

  3. Meer nog dan de genoemde punten in de andere 2 reacties is de fout in de redenering natuurlijk dat ervan uitgegaan wordt dat CO2-uitstoot het enige negatieve externe effect is van autorijden; maar wat te denken van fijn stof, stikstofoxiden, geluidsoverlast, verkeersdoden, enzovoort? De accijns op benzine bestaat niet voor niets al veel langer dan de discussie over CO2…

    Goede kans dus dat de hoge accijnzen op brandstof een aardig eind in de richting van de werkelijke kosten komen (nu kerosine nog!).

    Kordotium

    14 mei 2010 at 00:55

  4. “In gewone mensentaal: individuen worden geprikkeld minder vervuilende en meer schone goederen te consumeren. Maar bij een verstoord consumptiepakket zal het reële netto loon meer dalen bij een hogere milieubelasting dan een hogere inkomstenbelasting of BTW met een identieke belastingopbrengst zou doen.”

    Ik neem aan dat deze argumentatie alleen geldt voor externe kosten die niet door de beschreven individuen zelf worden gedragen, zoals het geval is bij klimaatverandering. Maar volgens mij geldt dit niet als het externe kosten betreft voor de huidige samenleving zelf. Dan bepalen deze kosten eveneens het consumptiepakket. Dus internalisatie van andere externe kosten, zoals tgv geluidhinder of toxische stoffen, kan wel degelijk leiden tot een dubbel effect.

    Marc Davidson

    27 september 2010 at 09:42


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: