Politieke Economie – Bas Jacobs

Van Wijnbergen’s hervormingen tellen niet op

leave a comment »

Sweder van Wijnbergen, hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, heeft in diverse media laten weten dat de volgende regering twee van de drie volgende hervormingen moet doorvoeren om de overheidsfinanciën op orde te krijgen (zie bijvoorbeeld het NRC van afgelopen zaterdag):

1. Geleidelijke verhoging van de AOW-leeftijd naar 67 [maximaal 1,2% bbp (8 mrd euro) bij koppeling AOW-leeftijd aan toename levensverwachting, zie CPB-studie]

2. Breng het eigen huis over naar box-3 [maximaal 2,5% bbp (15 mrd euro) zonder overgangsregime en vrijstellingen, zie CPB-studie]

3. Invoering van een sociaal leenstelsel voor het hoger onderwijs [maximaal 0,5% bbp (3 mrd euro) bij 100% private financiering hoger onderwijs, zie CPB-studie]

Van Wijnbergen moet zeggen dat minimaal de AOW-leeftijd omhoog moet én de hypotheekrenteaftrek moet worden hervormd. Anders tellen zijn hervormingen niet op om de overheidsfinanciën houdbaar te maken.

Ik heb opgezocht wat de maatregelen in potentie opleveren, zie gegevens tussen haakjes. Alle maatregelen tegelijkertijd doorvoeren levert een houdbaarheidswinst van 4,2% bbp op, oftewel zo’n 26 mrd euro. Dat is bijna de 29 mrd die het CPB berekent voor houdbare overheidsfinanciën.

26 mrd euro is een optimistische bovengrens voor deze maatregelen. Ik heb voor het gemak maar verondersteld dat Van Wijnbergen ook de AOW-leeftijd wil koppelen aan de levensverwachting. Zo niet, dan is de opbrengst van de maatregel structureel geen 1,2 procent, maar 0,7 procent bbp (zo’n 4 mrd).

Een overgangsregime bij het eigen huis en vrijstellingen voor de box-3 heffing kosten al gauw miljarden. Het CPB rekent een variant met een hoge vrijstelling voor de box-3 heffing door die 7 mrd oplevert. Ik denk dat een hogere opbrengst van hervorming van de hypotheekrenteaftrek zo’n 10 mrd mogelijk moet zijn.

Ook is het onverstandig om 100 procent private financiering van het hoger onderwijs te hebben. De kosten voor het vergaren van toekomstig inkomen moeten aftrekbaar zijn of gesubsidieerd worden tegen het tarief waartegen toekomstige inkomsten worden belast. Zie ook een wetenschappelijk artikel van mij met Lans Bovenberg. Een realistischer inschatting voor een sociaal leenstelsel levert daarom zo’n 1,5 mrd euro op.

Al met al is de besparing maximaal zo’n 15-20 mrd euro. Dat is een heel eind richting 29 mrd. Maar  niet genoeg. De studiefinanciering slaat geen deuk in een pakje boter in vergelijking met de andere twee maatregelen. Zonder gelijktijdige verhoging van de AOW-leeftijd en aanpak van de hypotheekrenteaftrek lukt het niet om de overheidsfinanciën houdbaar te maken.

Written by basjacobs

5 april 2010 bij 12:51

Geplaatst in overheidsfinanciën

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: